Mauro Conti
Mauro Conti (1978) is sinds november 2019 deeltijdhoogleraar Cybersecurity aan de faculteit Elektrotechniek, Wiskunde & Informatica (EWI). Zijn specialisme is 'Veiligheid en privacy van moderne informatie- en operationele technologieën'. Een belangrijk doel van zijn aanstelling was het uitbouwen van de Cybersecurity-onderzoeksgroep aan TU Delft.
In de slipstream van de ontwikkeling van (mobiel) internet verliep de carrière van Conti zeer voorspoedig. Dit resulteerde onder andere op zijn 39e in een aanstelling als hoogleraar aan de Universiteit van Padua (Italië). In 2022 werd hij voor zijn brede verdienste geëerd met een Ridderorde van de Italiaanse Republiek en werd hij fellow bij het IEEE (Institute of Electrical and Electronics Engineers). Als wetenschapper en onderzoeker is hij verbonden aan verschillende universiteiten (onder andere ook de Universiteit van Washington). En als adviseur is hij betrokken bij verschillende organisaties en overheden. Zo is hij niet alleen lid van de Raad van Advies Safety & Security Institute bij TU Delft, maar ook lid van het Blockchain Expert Panel van de Italiaanse overheid en wetenschappelijk adviseur voor de ontwikkeling van ondernemerschap. Dit laatste omdat zijn naam mede is verbonden aan enkele ondernemingen en startups, zoals SPRITZ (Security en Privacy Research Group, een groep ethische hackers), SPRITZMATTER, CHISITO en Dyaloghi.

Er was een urgente noodzaak om een topwetenschapper en pionier als Mauro Conti aan te trekken, meende TU Delft destijds. Met name vanwege de groeiende impact en relevantie van cybersecurity op het maatschappelijke leven, en de noodzaak om als Europa een onafhankelijke onderzoeks- en kennispositie te verwerven op dit gebied. Tegen die achtergrond werkte Conti aan een testomgeving voor een veiliger internet en aan cyberveiligheid.
Het internet van de toekomst
Het huidige internet is gebaseerd op TCP/IP-netwerkarchitectuur. Dit is niet optimaal veilig en voor de toekomst, met toenemend dataverkeer, ook zeker niet voldoende. Het alternatief is een netwerk gebaseerd op ICN-architectuur. ICN staat voor InformatieCentrumNetwerk. In vergelijking met traditionele IP-netwerken is ICN vele malen efficiënter, veiliger en veel beter toegerust voor mobiel dataverkeer.
Een veilige overgang mogelijk maken
‘In de afgelopen jaren heb ik kunnen werken aan een coëxistentie testomgeving,’ vertelt Conti. Hiermee wordt onderzocht hoe een TCP/IP en ICN-netwerkarchitectuur naast elkaar kunnen bestaan. Dat is nodig om een absoluut veilige overgang naar een toekomstig internet mogelijk te maken. ‘Hiervoor ontwerpen we dus eerst een complete, veilige coëxistentie-architectuur. Met nieuwe oplossingen voor alle geïdentificeerde kwetsbaarheden van het internet. Inclusief mogelijkheden om eventuele cyberaanvallen het hoofd te kunnen bieden,’ legt Conti uit.
‘Zo’n veilige coëxistentie-architectuur wordt eerst in een gevirtualiseerde omgeving gebruikt en uiteindelijk geïmplementeerd in de echte wereld.’
Van WhatsApp tot AI
Op het gebied van cyberveiligheid is Conti met name bezig geweest met het veilig gebruik – en de inbreuk daarop! – van pincodes en WhatsApp. ‘Wat Machine Learning en beveiliging betreft, bedacht ik een aanvalsplan om pincodes te reconstrueren die mensen invoeren terwijl ze de typende hand met de andere hand bedekken,’ vertelt Conti. ‘Daaruit bleek dat het afschermen met alleen de hand niet effectief is. Kwaadwillenden kunnen alsnog de pincodes reconstrueren. Effectiever is om het gehele toetsenbord af te schermen.’ Een andere methode die Conti ontwierp, is bedoeld om te onderzoeken in hoeverre gedetailleerde informatie over de locatie van een WhatsApp-gebruiker – bijvoorbeeld de kamer waarin hij/zij zich bevindt – achterhaald kan worden op basis van een ingesproken spraakbericht. Beide onderzoeken zijn in 2022 gepubliceerd. Bij al deze onderzoeksvelden voegt zich nu ook Artificial Intelligence. ‘Wij vullen ons leven met kunstmatige intelligentie-systemen, maar deze zijn net zo kwetsbaar als traditionele systemen, en helaas zelfs nog kwetsbaarder’, zegt Conti in 2025 tegen een Italiaans tijdschrift. ‘Daarom hebben organisaties robuuste AI-systemen nodig die geïntegreerd zijn in de IT-infrastructuur van de organisatie.’


‘Het uitbouwen van de Cybersecurity-onderzoeksgroep aan de EWI-faculteit beschouw ik als een van mijn beste prestaties ooit,’ zegt Conti over de impact van zijn aanstelling. ‘Om vanaf nul te komen tot een internationaal gerenommeerde onderzoeksgroep met gepassioneerde jonge onderzoekers.’
Aanjager van onderwijs en onderzoek
Eén van de argumenten om Conti aan te trekken was zijn grote internationale netwerk, dat een vliegwieleffect zou kunnen hebben op zowel onderzoek en onderwijs, als op innovatieve co-creatie met andere partijen. Die belofte is ruimschoots waargemaakt. Mede onder zijn leiding is een groot aantal collegereeksen opgezet. Zoals een Executive Master Cybersecurity samen met Rijksuniversiteit Leiden, een cursus over CS4265 Computer- en netwerkbeveiliging, seminars en webinars voor studenten en jonge onderzoekers. Hierbij worden ook toponderzoekers van de Universiteit van Padua, en van andere universiteiten en onderzoeksinstituten betrokken.
Significant verbeterde positie van TU Delft
‘Tijdens mijn colleges nodig ik andere onderzoekers uit om hun werk te presenteren,’ zegt Conti daar zelf over. ‘Zo ontstaat er een verbinding tussen studenten en onderzoekswereld. Op deze manier kon ik ook nieuwe samenwerkingsmogelijkheden en de internationalisering bevorderen. Zo werken studenten van hier aan hun proefschrift bij de Universiteit van Californië. En heb ik een Erasmus+ uitwisselingsovereenkomst op kunnen zetten tussen Padua en de TU Delft.’ Mede hierdoor groeide de onderzoeksgroep met bachelor- en masterstudenten, PhD’s en postdocs en is de positie van TU Delft in onderzoek naar cybersecurity significant verbeterd. Dit valt onder andere af te leiden uit het grote aantal symposia en congressen dat afgelopen jaren naar Delft is gekomen. Ook het feit dat Conti als Local Principal Investigator betrokken is bij onderzoeksprojecten van de Europese Commissie, straalt positief af op de positie van TU Delft. Evenals het feit dat hier vaak grote industriële namen aan zijn verbonden, zoals Adyen, Siemens, Fujitsu, Unilever, Thales, Renault, Philips, Intel, Cisco, enzovoorts.
Voor het welzijn van iedereen
Nieuwe cybersecurity-oplossingen zijn nodig voor maatschappelijke vraagstukken, zoals de beveiliging van sociale netwerken, van authenticatie-methoden en van organisaties door profilering van gebruikers van (mobiele) apparaten. Met het oog op geopolitieke ontwikkelingen is het bovendien belangrijk dat Europa hierin digitale autonomie verwerft, met onder andere een onafhankelijk Europees cybersecurity-ecosysteem. ‘In feite gaat mijn onderzoek over de veiligheid en privacy van alle Nederlandse en Europese burgers,’ zegt Conti. ‘En het verbeteren daarvan volgens GDPR- en nationale wetgeving. Mijn onderzoek richt zich op de ontwikkeling van technologieën en (gebruikers)vaardigheden om de veiligheid van kritieke infrastructuren en technologieën te verbeteren. En van operationele technologieën in de praktijk, zoals cyberveiligheid van zelfrijdende voertuigen. Voor het welzijn van iedereen is het belangrijk dat er onderzoek wordt gedaan naar technologieën die de cyberveiligheid kunnen verhogen,’ benadrukt Conti.
Conti’s Personal Passion Pride
‘Met het oog op geopolitieke ontwikkelingen is het belangrijk dat Europa digitale autonomie verwerft, met onder andere een onafhankelijk Europees cybersecurity-ecosysteem. Het lastige is echter dat cybersecurity vaak een ‘after thought’ is, iets waaraan men pas achteraf denkt. Maar juist met security-aspecten moet je al vanaf de eerste ontwerpfase rekening houden.’

TU Delft is katalysator geworden
Met een investering vanuit het TU Excellence Fund voor twee PhD’s en een postdoc, en voor een cyber-physical system lab als onderdeel van het 'Do loT Field Lab' kon Conti bij de TU Delft aan de slag. De afdeling werd een katalysator voor een landelijk onderwijsprogramma over cybersecurity en kreeg steeds meer impact binnen de Haagse Security Delta en internationale netwerken. ‘Ik kon helpen TU Delft meer zichtbaarheid te geven’, zegt Conti. ‘Onder andere door het organiseren van internationale evenementen in Delft. En door het opleiden van de volgende generatie cyber security engineers.’ Recente spraakmakende Delftse onderzoeken zijn bijvoorbeeld die naar de cybersecurity‑uitdagingen en kwetsbaarheden van toekomstig transportsystemen als de Hyperloop en andere auto‑ of vehiclenetwerken. Of het met hoge nauwkeurigheid detecteren van DDoS-aanvallen met machine‑learningmodellen.

Hoe een muisklik je verklikt
Conti wordt wel de professor genoemd ‘die de verdediging tegen hackers en desinformatie leidt’. ‘Onderzoek op het gebied van cybersecurity is communitywerk en ‘trial and error’’, zegt Conti met regelmaat. Eerder onderzocht hij al eens hoe je op basis van het geluid dat iemand maakt tijdens het typen op een toetsenbord kan reconstrueren wat de inhoud van het getypte is. Met collega’s in Delft herhaalde hij dit onderzoek, maar dan op basis van muisklikken. Met het geluid dat een computermuis maakt bij gebruik, kunnen (gevoelige) muisbewegingen worden gereconstrueerd. In een gecontroleerde omgeving behaalden ze 97 % nauwkeurigheid bij 4 basisbewegingen. Via machine learning en opname via smartphone lukte het om 12 unieke bewegingen te herkennen met zo’n 94% nauwkeurigheid. Zelfs de actie ‘venster sluiten’ (klik op rood kruis) kon met ongeveer 91% zekerheid worden gedetecteerd.
